motorexamen, CBR, examinator

CBR: ‘Motorexamens categorie A1 zijn valide te beoordelen’

motorexamen, CBR, examinator

Voor de nieuwe motorcategorieën AVB-A1 en AVD-A1 kunnen de praktijkexamens valide worden beoordeeld. Dat blijkt uit een evaluatie-onderzoek van het CBR onder A-examinatoren en A-opleiders in Nederland. Het onderzoek werd gehouden naar aanleiding van de implementatie van de derde Europese rijbewijsrichtlijn. De vrees bestond immers dat de A1-motoren te weinig vermogen zouden hebben voor het afnemen van een deugdelijk examen. Tijdens het Branche Voorzitters Overleg tussen CBR en de brancheverenigingen werd naar aanleiding van het onderzoek besloten dat de examens ongewijzigd blijven. Wel komen er in de CBR-enquête nog enkele kritische noten vanuit de rijscholen naar voren.

De evaluatie spitste zich toe op de lichte motorcategorie, omdat zich daar de belangrijkste wijziging voor de toelatingseisen van examenvoertuigen voordeed. “Het betreft een categorie met examenvoertuigen waarmee noch het CBR, noch de branche ervaring heeft”, zo stelt het bureau voor rijvaardigheidsbewijzen in haar evaluatie. Vooraf bestond de vrees dat die categorie motoren te weinig vermogen zou hebben voor de afname van een degelijk examen.

Examen

Het AVB-examen voor A1 kan ondanks het beperkte vermogen van de motorfiets goed worden afgelegd. Driekwart van de examinatoren bleek het met die stelling eens te zijn. In het geval van het AVD-examen was 68 procent van die groep positief. Van de examinatoren vindt 75 procent dat de uiteindelijke beoordeling van het AVD-examens goed kan gebeuren, zo blijkt uit de data.

Van de opleiders vindt met 54,1 procent ruim de helft dat het examen voertuigbeheersing in de categorie A1 valide kan worden afgelegd volgens de uitvoeringsvoorschriften. In het geval van het AVD-examen was slechts 30,2 procent het met de stelling eens. De remproeven zouden moeilijk uit te voeren zijn door het gemis van ABS en de vertragingsoefening en de uitwijkoefening blijken lastig vanwege de te behalen snelheid van 50 km/u. De overige bijzondere verrichtingen zijn daarentegen te gemakkelijk voor de categorie, zo wordt door sommigen gesteld.

Opzet

Over de opzet, inhoud en duur van de rechtstreekse praktijkexamens A1 en A, was met 68 procent een ruime meerderheid van de examinatoren positief. Opvallend is echter dat minder dan de helft van de opleiders die mening deelt. Zij gaven onder andere aan dat het rijden op de snelweg met de lichte motoren als ‘levensgevaarlijk’ wordt ervaren en moet worden vermeden in verband met het beperkte vermogen van de motorfiets.

Daarnaast werden hier de opmerkingen over de bijzondere verrichtingen veelal aangestipt. Het ontbreken van ABS, maar ook de 55 meter aanloop voor de vertragingsoefening wordt als te kort ervaren om op tijd op de juiste snelheid te komen.

Evaluatie

Voor zowel de A-examinatoren als de A-opleiders is overwegend duidelijk gebleken wat het doel is van de invoering van het getrapte rijbewijssysteem. Ook de toelatingseisen voor kandidaten en examenvoertuigen tot de verschillende rijbewijscategorieën waren ten tijde van de afname van de enquête bij de meesten helder. Ruim 80 procent van de examinatoren zei de verschillen in uitvoeringsvoorschriften voor zowel de rechtstreekse als de aanvullende examens te kennen. Een kleine 70 procent van de A-opleiders was het tevens met die stelling eens.

Examinatoren die negatief op de stelling reageerden, zeiden de verschillen in uitvoering en beoordeling van de bijzondere manoeuvres bij de aanvullende examens niet voldoende te kennen. De A-opleiders die negatief antwoordden vonden het verschil in uitvoeringsvoorschriften tussen A2 en A2 rechtstreeks niet duidelijk. Dit geldt ook voor A aanvullend en A rechtstreeks. En de toelatingseisen voor kandidaten en voertuigen werden door die groep als onduidelijk bestempeld.

Informatie

Over de informatieverstrekking rond de invoering van de derde Europese rijbewijsrichtlijn is het overgrote deel van de examinatoren en opleiders tevreden. Van de examinatoren zei 80,6 procent voldoende te zijn geïnformeerd over de veranderingen binnen de rijbewijscategorie A. De opleiders vinden in 72,2 procent van de gevallen dat het CBR ze voldoende over de wijzigingen op de hoogte heeft gebracht. Het CBR stelt dat dit mede te danken is aan het feit dat de meerderheid van de opleiders bij de informatiebijeenkomsten aanwezig was. Redenen voor afwezigheid tijdens de bijeenkomsten bleken voor de opleiders het ontbreken van tijd en het te laat geïnformeerd zijn.

Volgens Tom Huyskens van Bovag Rijscholen is het logisch dat een klein percentage instructeurs en examinatoren aangaf niet tot in detail op de hoogte te zijn van de veranderingen. “Dat komt hoogstwaarschijnlijk omdat het ook allemaal onduidelijk ís”, zo stelt hij. “Je moet onderhand een wiskundige zijn om het hele systeem van leeftijden, toelating en maximumvermogens met droge ogen aan een kandidaat uit te kunnen leggen. Ik kan me dus voorstellen dat instructeurs daar in eerste instantie ook moeite mee hadden.”

Communicatie

Huyskens: “Het onderzoek is alweer even geleden uitgevoerd en A1 bestaat inmiddels ruim 14 maanden. Dus ik ga er vanuit dat alle professionals nu wel van de hoed en de rand weten..

Ook VRB-voorzitter Peter van Neck gelooft dat het allemaal wel los zal lopen. De communicatie is naar mijn idee altijd redelijk goed gedaan. Het is natuurlijk altijd voor verbetering vatbaar, maar ik heb nog geen huilende branchegenoten bij me op de stoep gehad die niet meer weten wat ze met de situatie aan moeten.”

Valide examen

Het CBR concludeert in haar onderzoek: “De meeste examinatoren zijn van mening dat een praktijkexamen A1 valide is te beoordelen volgens de normering Rijprocedure A. Wel moet hierbij worden opgemerkt dat deze mening vooral opgaat voor situaties binnen en buiten de bebouwde kom, waarbij de snelheid lager ligt dan 100 km/u.”

Dat bijvoorbeeld het rijden op de snelweg een probleem kan zijn op een A1-motor, dat bevestigt ook Peter van Neck. “Het mag duidelijk zijn dat als er bij veel regen en wind een beer van een vent op een motor in de A-categorie zit, het aan de examinator is om het snelweggedeelte tijdens het examen enigszins aan te passen. Ik hoor om mij heen dat het nog wel eens een hekel punt is. Maar het is niet onoverkomelijk en daar gaat het om.”

Enquête

Van Neck zegt de conclusies en opmerkingen van het onderzoek dan ook te herkennen. Ook Bovag herkent de opmerkingen uit de branche. “Ik heb zelf een paar maanden geleden ook een A1-examen gedaan bij wijze van test. De opmerkingen over de snelheid op de snelweg kan ikzelf daarnaast dan ook wel beamen ja”, zo stelt woordvoerder Tom Huyskens.

Voor de evaluatie van de ‘nieuwe praktijkexamens’ heeft het CBR eind 2013 een uitgebreide enquête gehouden. Het onderzoek is uitgezet bij alle A-examinatoren en extern naar de A-opleiders. De enquête is verzonden naar 152 examinatoren, met een respons van 72. Van de 914 opleiders die werden aangeschreven, hebben er 209 deelgenomen.

Roosmarijn Dierick

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Maak gebruik van de exclusieve aanbieding

Bekijk de aanbieding

Auteur: Roosmarijn Dierick

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.