IBKI,CEC

Wijziging in theorievoorschrift WRM-certificaten A, C, D en E

Het IBKI heeft een paar kleine wijzigingen aangebracht in het theorievoorschrift voor de WRM-certificaten A, C, D en E. Vragen over bout- en naafcentrering vervallen met ingang van mei 2016. Vanaf diezelfde datum kunnen er wel vragen worden gesteld over de verschillende typen reservewiel en waar deze op het voertuig worden toegepast.

Het document heet officieel ‘Toetsspecificaties theorietoets ‘theorie van de rijtaak’ van de aanvullende certificaten WRM’. De specificaties van motor (A) zijn hierin meegenomen, maar op dit onderdeel worden geen wijzigingen aangebracht.

Openbaar en besloten vervoer

Bij de overige categorieën worden de wijzigingen wel doorgevoerd. Per mei kunnen de vragen over de verschillende soorten reservewiel dus onderdeel worden van de toetsing.

Een andere wijziging heeft plaatsgevonden in de D-categorie (bus) onder het kopje wet- en regelgeving. Daar moeten instructeurs al de regels weten rondom rij- en rusttijden, maar dit is ook aangevuld met de kennis van het verschil tussen openbaar en besloten vervoer.

Een toets voor het examenthema ‘Theorie van de Rijtaak’ duurt 30 minuten en bevat 25 vragen. Bij de categorieën A, C en D bevat het examen tien vragen over bestuurder en voertuig, tien vragen over de rijprocedure en vijf vragen over de wet- en regelgeving. Voor het WRM-certificaat E achter B en E achter C/D ligt die verhouding anders. Daar zijn vijftien vragen gerelateerd aan de rijprocedure, en vijf vragen minder aan bestuurder en voertuig.

Onderwerpen: , ,

Auteur: Lars Verpalen

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.