Jongen in auto. foto Flickr/State Farm

Beginnersregeling rijbewijs blijkt na 16 jaar fiasco

Het beginnersrijbewijs, waarbij beginnende automobilisten na twee ernstige overtredingen een rijvaardigheidsonderzoek krijgen, heeft zich na 16 jaar nog niet bewezen. De pakkans is erg klein en àls deze bestuurders al worden aangehouden, heeft dit niet altijd consequenties vanwege slechte communicatie tussen instanties. Bovendien zijn automobilisten nauwelijks op de hoogte van de regeling, terwijl deze juist voor een schrikeffect moet zorgen. Dat blijkt uit een evaluatie van het beginnersrijbewijs.

Aan de werking van de beginnersregeling wordt al lange tijd getwijfeld. Tot op heden was er geen bewijs dat het beginnersrijbewijs effectief was: noch uit het verloop van het aantal ongevallen, noch uit het aantal beginnende bestuurders met strafpunten. Daarom hebben de ministers van Infrastructuur en Waterstaat en Justitie en Veiligheid opdracht gegeven om een evaluatie te maken.

Verkeersovertredingen voorkomen

De beginnersregeling moet verkeersovertredingen en verkeersongevallen onder beginnende bestuurders helpen voorkomen. In 2002 is de regeling ingevoerd. Iedereen die als 16- of 17-jarige een rijbewijs haalt, wordt de eerste zeven jaar aangemerkt als beginnende bestuurder. Vanaf 18 jaar geldt een periode van vijf jaar.

Met de invoering van begeleid rijden is de beginnerstermijn aangepast. Voor jongeren die in het kader van begeleid rijden op hun zeventiende het rijbewijs B halen, geldt eveneens een beginnerstermijn van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum afgifte van dat rijbewijs ongeacht of de bestuurder op dat tijdstip van afgifte al in het bezit was van een rijbewijs voor de categorie AM of T.

Handhaving

De beginnersregeling heeft de vorm van een puntenrijbewijs. Bepaalde ernstige verkeersovertredingen door beginnende bestuurders worden geregistreerd. Een voorwaarde voor registratie is dat de politie de overtreding zelf heeft geconstateerd. Alleen bij staandehouding kan de politie namelijk vaststellen wie de bestuurder is.

Vervolgens krijgt de bestuurder een punt toegekend. Bij een tweede veroordeling volgt een tweede punt. Hiervan wordt door de officier van justitie een mededeling gedaan aan het CBR. Op basis van de mededeling legt het CBR aan de beginnende bestuurder de verplichting op om mee te werken aan een onderzoek naar de rijvaardigheid. Wanneer op basis van dit onderzoek blijkt dat de beginnende bestuurder niet over de vereiste rijvaardigheid beschikt, wordt zijn rijbewijs ongeldig verklaard.

De handhaving is een van de grootste obstakels om van deze regeling een succes te maken. Het aantal staandehoudingen in het verkeer door de politie is in de afgelopen jaren afgenomen. Daarmee is de pakkans voor beginnende bestuurders ook kleiner geworden. Bovendien kunnen bestuurders slechts voor een beperkt aantal ernstige verkeersovertredingen punten krijgen.

Punten niet doorgegeven

Een ander probleem is dat de politie na een staandehouding niet altijd doorgeeft aan het OM dat het om een beginnende bestuurder gaat, dus wordt er ook geen punt uitgedeeld. In 2014 zijn ten minste 976 punten te weinig toegekend (30 procent van het totaal aantal toegekende punten in 2014) en in 2016 gaat het om ten minste 723 punten die ontbraken (26 procent van het aantal toegekende punten in 2016). Als de politie de zaak wél kenbaar maakt bij het OM als een zaak tegen een beginnende bestuurder, dan wordt deze alsnog niet altijd als zodanig herkend of opgepakt door het OM.

Naast slechte communcatie tussen politie en OM gaat er ook het een en ander fout bij het doorgeven van de punten door het OM aan het CBR. “In een substantieel aantal gevallen heeft het OM geen mededeling uitgebracht aan het CBR, terwijl dit wel had gemoeten”, aldus de onderzoekers.

In de jaren 2012 tot en met 2016 heeft het OM 46 mededelingen uitgebracht aan het CBR. Het CBR heeft in deze periode 41 mededelingen ontvangen. Het CBR heeft vervolgens bij 25 bestuurders een onderzoek naar de rijvaardigheid verricht dat in 4 gevallen heeft geleid tot ongeldigverklaring van het rijbewijs.

Onbekendheid

Verder zijn beginnende bestuurders lang niet altijd bekend met de regeling. Uit het onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de bestuurders zonder punten en met punten niet goed op de hoogte is van het beginnersrijbewijs. De regeling wordt verward met het puntenrijbewijs, terwijl het puntenrijbewijs voor àlle bestuurders geldt en zich richt op het rijden onder invloed van alcohol. Of bestuurders denken dat rijden onder invloed eveneens onder de beginnersregeling valt. Daarnaast zijn bestuurders niet goed op de hoogte van de consequenties van het toekennen van punten. Het is dan ook niet vreemd dat bestuurders zich niet laten afschrikken door de regeling.

Tenslotte zetten de onderzoekers ook nog hun vraagtekens bij de efficitiviteit van het rijvaardigheidsonderzoek door het CBR: “De uitvoeringspraktijk wijst uit dat het beschikken over onvoldoende rijvaardigheid doorgaans niet de belangrijkste oorzaak is voor wangedrag in het verkeer, maar de persoonlijkheid of het gedrag van de bestuurder.”

Aanbeveling

De onderzoekers hebben met verschillende experts en ketenpartners besproken hoe de regeling effectiever kan worden. Een van de opties is dat wanneer er een onderzoek loopt naar een bestuurder, hij of zij gedurende het onderzoek al een rijverbod krijgt. Ook kan het voertuig in beslag worden genomen.

Verder benadrukken ze het belang van handhaving, maar ook voorlichting over de beginnersregeling. Bij deze voorlichting zouden bijvoorbeeld rijinstructeurs en rijexaminatoren kunnen worden ingeschakeld. Ministers Ferdinand Grapperhaus en Cora van Nieuwenhuizen hebben toegezegd dat ze uiterlijk 13 september inhoudelijk zullen reageren op deze evaluatie.

Lees hier de evaluatie van Regioplan

Lees ook:

Onderwerpen: ,

Auteur: Nadine Kieboom

Nadine Kieboom is de vaste journalist van RijschoolPro.nl

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.